Ondernemersfonds Hoeksche Waard: kansen voor gezamenlijke slagkracht, maar besluit is nog geen gelopen race
Hoeksche Waard, juni 2026 - Ondernemers uit de Hoeksche Waard kwamen op dinsdag 16 juni bijeen in de Eendrachtshoeve in Zuid-Beijerland voor een brede informatieavond over het mogelijke Ondernemersfonds Hoeksche Waard. De bijeenkomst werd georganiseerd in samenwerking met de lokale initiatiefgroep bestaande uit o.a. LTO Noord en Ondernemersvereniging Hoeksche Waard (OHW).
Doel van de avond was tweeledig: ondernemers informeren over de opzet, werking en financiële basis van een mogelijk ondernemersfonds én vooral input ophalen uit de praktijk. Die inbreng wordt meegenomen in het advies richting de gemeenteraad van Hoeksche Waard. Uiteindelijk is het de gemeenteraad die hierover besluit, omdat de financiering van het fonds via een opslag op de onroerendezaakbelasting (OZB) zou verlopen.
In het coalitieakkoord is opgenomen dat in het najaar een besluit wordt genomen over het ondernemersfonds. De voorgenomen besluitvorming staat gepland voor het najaar van 2026. Als de gemeenteraad instemt, kan het Ondernemersfonds Hoeksche Waard per januari 2027 van start gaan.
|
Kern van het voorstel · Informatieavond voor alle ondernemers in de Hoeksche Waard · Input ophalen voor advies richting gemeenteraad · Mogelijke heffing via OZB voor niet-woningen · Voorstel: € 80 per € 100.000 WOZ-waarde · Besluitvorming gemeenteraad in najaar 2026; mogelijke start per januari 2027 |
Fonds vóór en dóór ondernemers
Het voorgestelde ondernemersfonds is bedoeld als een eilandbreed fonds vóór en dóór ondernemers. Het uitgangspunt is dat eigenaren en gebruikers van niet-woningen naar rato bijdragen, zodat gezamenlijk geïnvesteerd kan worden in een sterker vestigingsklimaat in de Hoeksche Waard.
Tijdens de avond werd toegelicht dat alle opbrengsten uit het ondernemersfonds ten goede moeten komen aan collectieve trajecten en projecten die bijdragen aan verbetering van het ondernemers- en vestigingsklimaat. Daarbij gaat het niet om individuele bedrijfssteun, maar om gezamenlijke investeringen van onder meer grondeigenaren, bedrijven, ondernemers op bedrijventerreinen, ondernemers in dorpskernen en ondernemers in het buitengebied.
Voorbeelden die tijdens de bijeenkomst en in het achterliggende rapport naar voren kwamen, zijn investeringen in veiligheid, parkmanagement, arbeidsmarktprojecten, versterking van dorpskernen, verduurzaming, vergroening, bereikbaarheid, energieoplossingen, ondermijningsaanpak en gezamenlijke belangenbehartiging. Het rapport benoemt onder meer netcongestie, arbeidsmarkt, vergroening en energie, mobiliteit, digitalisering en economische profilering als strategische opgaven die om samenwerking vragen.
Voorstel: € 80 per € 100.000 WOZ-waarde
Een belangrijk onderdeel van de toelichting was de financiële basis van het fonds. Het voorstel dat nu op tafel ligt, gaat uit van een heffing via de OZB voor niet-woningen van € 80 per € 100.000 WOZ-waarde per jaar. Deze bijdrage zou worden verdeeld tussen eigenaren en gebruikers, waarbij in het voorstel wordt uitgegaan van een verdeling van 55 procent voor eigenaren en 45 procent voor gebruikers.
Op basis van de gepresenteerde berekeningen zou het fonds naar verwachting circa € 1,75 miljoen per jaar kunnen opleveren. De middelen worden vervolgens verdeeld over vier pijlers: bedrijventerreinen, kernen, buitengebied en eilandbrede samenwerking. In het rapport wordt onder meer gesproken over circa € 570.000 voor bedrijventerreinen, € 559.000 voor kernen, € 210.000 voor het buitengebied en een eilandbreed budget voor gezamenlijke thema’s.
Daarmee zou het fonds structurele financiële ruimte bieden om zowel lokale als eilandbrede opgaven aan te pakken. Tegelijkertijd werd duidelijk dat juist de financiële uitwerking, de verdeling van middelen en de bestuurlijke inrichting belangrijke aandachtspunten blijven voor ondernemers.
Kansen: minder vrijblijvendheid, meer organisatiekracht
Tijdens de informatieavond werd breed gesproken over de kansen die een ondernemersfonds kan bieden. Voorstanders zien vooral meerwaarde in het versterken van collectiviteit en het terugdringen van het zogeheten freeriderprobleem: ondernemers die wel profiteren van collectieve voorzieningen, maar daar nu niet aan bijdragen.
Ook werd gewezen op de mogelijkheid om de organisatiekracht van ondernemers te professionaliseren. Denk aan ondersteuning bij subsidieaanvragen, parkmanagement op bedrijventerreinen, centrummanagement in dorpskernen, buitengebiedmanagement, gezamenlijke inkoop of het beter benutten van kansen vanuit provincie, regio en andere overheden.
In de achterliggende stukken wordt het ondernemersfonds nadrukkelijk gepresenteerd als een middel om de organisatiegraad te vergroten, samenwerking op eilandniveau te versterken en investeringen mogelijk te maken in gebieden en voorzieningen. Daarbij geldt als uitgangspunt dat de gemeente niet stuurt op de bestedingen en dat het fonds geen publieke taken van de gemeente mag overnemen.
Kritische vragen over draagvlak, zeggenschap en uitvoering
Tegelijkertijd was de bijeenkomst geen avond met alleen instemming. Vanuit de zaal werden duidelijke en kritische vragen gesteld. Ondernemers vroegen onder meer naar het draagvlak, de representativiteit van de bijeenkomst, de concrete meerwaarde voor verschillende sectoren en gebieden, de bestuurlijke inrichting, de rol van vrijwilligers en de verhouding tot bestaande BIZ-structuren.
Een terugkerend punt was de vraag of ondernemers voldoende zeggenschap houden over de besteding van hun eigen bijdrage. Ook werd gevraagd hoe kleine gebieden, kleinere ondernemers en ondernemers in het buitengebied daadwerkelijk baat hebben bij het fonds. De vraag “wat levert het mij concreet op?” kwam meerdere keren terug.
Daarnaast klonk zorg over het risico dat ondernemers via het fonds taken gaan financieren die eigenlijk bij de gemeente horen, zoals basisonderhoud, openbare ruimte of voorzieningen die eerder zijn geschrapt. Tijdens de avond werd benadrukt dat het fonds bedoeld is voor aanvullende kwaliteit en collectieve slagkracht, niet als vervanging van gemeentelijke verantwoordelijkheden.
Ook de bestuurlijke belasting kwam aan de orde. Ondernemers vroegen zich af hoeveel tijd het kost om commissies, besturen en gebiedsstructuren goed te laten functioneren. Daarbij werd toegelicht dat professionele ondersteuning juist bedoeld is om vrijwilligers te ontlasten, maar dat betrokken ondernemers nodig blijven om richting te geven aan de besteding van middelen.
Voor- en tegenstanders aan het woord
De avond liet zien dat er zowel voorstanders als tegenstanders zijn. Voorstanders benadrukten dat grote opgaven zoals netcongestie, arbeidsmarkt, veiligheid, bereikbaarheid en verduurzaming niet door individuele ondernemers alleen kunnen worden opgelost. Zij zien het fonds als instrument om structureel geld, organisatiekracht en invloed te bundelen.
Tegenstanders en twijfelaars plaatsten kanttekeningen bij de verplichtende bijdrage, de hoogte van de heffing, de verdeling tussen sectoren, de zeggenschap en het draagvlak. Ook werd genoemd dat circa vijftig aanwezigen op een informatieavond geen volledige afspiegeling vormen van alle ondernemers in de Hoeksche Waard.
Daarmee werd duidelijk dat het ondernemersfonds nog geen gelopen race is. Het voorstel biedt kansen, maar vraagt om verdere uitwerking, heldere communicatie en een zorgvuldig bestuurlijk proces.
Input wordt meegenomen richting gemeenteraad
De initiatiefnemers benadrukten dat de bijeenkomst onderdeel is van een breder proces. In januari 2025 is gestart met onderzoek naar de haalbaarheid van een ondernemersfonds in de Hoeksche Waard. In maart 2026 is het concept-rapport “Samen investeren in de Hoeksche Waard” opgesteld. Daarna zijn gesprekken en bijeenkomsten georganiseerd om de plannen te toetsen bij ondernemers, vertegenwoordigers van maatschappelijke organisaties en andere betrokkenen.
De bijeenkomst van 16 juni was bedoeld om het net breed op te halen. De reacties, zorgen, vragen en suggesties van ondernemers worden meegenomen in de verdere advisering aan de gemeenteraad. In de uitnodiging voor de bijeenkomst werd ondernemers nadrukkelijk gevraagd om mee te praten, omdat hun input wordt meegenomen in het advies aan de gemeenteraad.
Ook OHW kijkt vanuit haar rol als brede belangenvereniging kritisch en constructief naar het voorstel. De OHW staat in beginsel positief tegen de vorming van een Hoeksche Waards ondernemersfonds, mits de governance van het fonds professioneel én met breed draagvlak van alle ondernemerscollectieven wordt ingericht.
Scherp maar zorgvuldig vervolg nodig
De komende maanden zijn bepalend. Voordat de gemeenteraad een besluit kan nemen, moeten volgens veel aanwezigen nog meerdere vragen helder worden beantwoord. Daarbij gaat het onder meer om de definitieve financiële onderbouwing, de exacte besturing van het fonds, de bescherming van lokale zeggenschap, de verhouding tot bestaande ondernemerscollectieven en de vraag hoe succes wordt gemeten.
Ook moet duidelijk zijn hoe wordt voorkomen dat het fonds leidt tot extra bestuurlijke druk zonder zichtbare resultaten. Ondernemers willen weten welke projecten in de eerste jaren concreet worden opgepakt en hoe de middelen terechtkomen op de plekken waar ze worden opgebracht.
De bijeenkomst maakte vooral duidelijk dat de Hoeksche Waard voor grote gezamenlijke opgaven staat. De vraag is niet alleen of er geld nodig is, maar ook hoe ondernemers, gemeente en maatschappelijke partners zich organiseren om die opgaven effectief aan te pakken.
Oproep aan ondernemers
Ondernemers die hun mening, zorgen of ideeën over het ondernemersfonds willen delen, worden opgeroepen dit kenbaar te maken bij hun eigen vertegenwoordiging, zoals OHW, LTO Noord, DHR, een bestaande BIZ of de betrokken initiatiefnemers. Juist in deze fase is inbreng uit de praktijk van groot belang.
Het ondernemersfonds kan een instrument worden om samen te investeren in de toekomst van de Hoeksche Waard. Maar of dat instrument er komt, onder welke voorwaarden en met welke inrichting, is uiteindelijk aan de gemeenteraad. De informatieavond van 16 juni liet zien dat er kansen liggen, maar ook dat er nog wezenlijke vragen op tafel liggen.
Het laatste woord over het Ondernemersfonds Hoeksche Waard is dan ook nog niet gezegd.
Vragen of meer informatie:
Martijn de Ruiter, Projectleider Onderzoek Ondernemersfonds Hoeksche Waard